Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

E-mailadres:

De nieuwsbrief wordt momenteel naar 1991 mensen verstuurd!


 
Recensies

Het Hans Christian Andersen Sprookjes kookboek: Geluksperen, roverballetjes en paradijskoekjes

School kinderopvang  De leeswelp  Meerlingenmagazine  Telegraaf.nl  Dagblad van het Noorden   Volkskrant   De Limburger  De weekendgids   Pluizuit België  Doorkijk  Reformatorisch Dagblad  Twee vandaag

School kinderopvang

Sprookjes recepten

Dit jaar is het tweehonderd jaar geleden dat de sprookjesschrijver Hans Christiaan Andersen werd geboren. Dit is voor uitgevers aanleiding om herdrukken of leuke nieuwe Anderson-producten uit te brengen. Uitgeverij Pereboom heeft een sprookjes kookboek van Andersen op de markt gebracht. Niet dat Hans Christian Andersen zelf regelmatig in de keuken stond (in tegendeel, hij kreeg eten van zijn hospita of ging bij vrienden eten), maar hij kon wel mooie verhalen schrijven. Ook over eten. Het Andersen Sprookjeskookboek bevat fragmenten uit sprookjes en recepten die erbij zijn bedacht door Edith Koenders en Adriaan van der Hoeven. Het zijn, getuige de namen geen doorsnee recepten. Wat dacht je van Tante Kiespijn-bonbons, kinderschouder met scherpe saus, gebraden kraai of zingende aardappels? De recepten zijn eenvoudig en makkelijk met kinderen samen te maken.

Terug naar boven



De leeswelp

Kinderboeken en kinderboekenfiguren leveren regelmatig inspiratie voor kookboeken. We hebben al gekookt met Nijntje, Vos en Haas en zelfs met Asterix. En onlangs leerden we Spaghetti met een schaar eten, een kookboek geïnspireerd door de verhalen van Astrid Lindgren. Op zich is het dan ook niet wonderlijk dat we in het Andersenjaar een sprookjeskookboek voorgeschoteld krijgen. In de inleiding vertelt samensteller Edith Koenders dat Hans Christiaan Andersen zelfs nooit zelf een kopje thee heeft gezet. Hij ging volgens een vast schema eten bij vrienden. Maar hij schreef wel regelmatig over eten, over Duitse bloedsoep met roverballetjes en kinderschouder met scherpe saus. De samenstellers hebben op basis daarvan recepten bedacht. Voor elk recept worden twee bladzijden uitgetrokken. Je vindt een citaat uit het sprookje waarop de koks zich geïnspireerd hebben en vervolgens een glasheldere ingrediëntenlijst en bijbehorende werkwijze. Als je de fantasievolle teksten leest, weet je precies war er aan de recepten ontbreekt: fantasie en speelsheid. Zo wordt de Duitse bloedsoep een gerecht met rode bietjes: ‘Als je de volgende dag moet plassen kun je zien dat je Duitse bloedsoep hebt gegeten!’En de kinderschouder met scherpe saus verandert in tortilla’s met ketchup en sambal. Ik kan me voorstellen dat Hans Christiaan Andersen de vrienden die hem een aantal gerechten uit dit boek voorschotelden zonder pardon uit zijn schema zou schrappen. Nee, ik vind de verhalen een stuk lekkerder.

Terug naar boven


Meerlingenmagazine
Anjo Geluk

Gebakken kindervingertjes, nieuwsgierige muizen en broodjes van het rovermeisje

Er zijn van die dagen die wel een oppepper kunnen gebruiken: een druilerige zondagmiddag, een vakantiedag zonder plan of zo’n dag waarop alles mis gaat. Dan is er tijd voor iets creatiefs. Iets lekkers klaar maken bijvoorbeeld. En als het kan met het hele gezin. Eerst samen aan de slag en het resultaat daarna gezellig opeten. In elke bibliotheek en boekwinkel vind je kinderkookboeken met recepten die bij de leeftijd van je kinderen passen. Een goed idee om zo’n boek achter de hand te hebben.

Ook jonge kinderen kun je al bij het eten klaarmaken betrekken, zeker als je het simpel houdt en alvast alles wat je nodig hebt klaar zet. Roeren en kneden zijn favoriete bezigheden. Geweldig dat zo’n bolletje zelf gekneed brooddeeg een heerlijk broodje wordt! Versierde boterhammetjes (een mini-clubsandwich) of kleine cakejes zijn altijd een succes. Met kinderen vanaf een jaar of zes kan het al wat ingewikkelder en kun je gezamenlijk best een volledige maaltijd klaar maken. Voor kinderen die koken leuk vinden en een eigen kookboek een prachtig cadeau. Patatje Zwaardvis, het eerste kookboek van Angela Prins is zo’n boek. Ook Bij ons is alles lekker is een mooi, duidelijk geschreven boek, met op kinderen gerichte foto’s en veel informatie over de bereidingswijze en de producten. Er staan buitenlandse gerechten in en is het mogelijk om een heel Turks, Italiaans of Spaans diner op tafel te zetten. De kinderen op de foto’s in het boek hebben een short en een koksmuts op; zo’n setje is voor de echte hobbykoks een mooi geschenk.

Een heel ander boek is: Geluksperen, roverballetjes & paradijskoekjes. Het is dan ook een sprookjeskookboek, geïnspireerd op de sprookjes van Hans Christiaan Andersen. Niet dat Andersen ooit zelf een kopje thee heeft gezet, maar hij schreef wel over eten. De recepten zijn verzonnen door Edith Koenders, de auteur van het boek. Elk recept begint met een prachtig verhaal (voor) te lezen en dan wat lekkers te maken. Het zijn allemaal spannende creaties. Met geheimzinnige namen: appels van vader, gebakken kraai of tante Kiespijn bonbons. Wie lust er nou geen zingende aardappels…. Sommige recepten zijn nog eenvoudiger te maken door kant-en-klare producten te gebruiken. Geluksperen, roverballetjes & paradijskoekjes is echt een boek voor het hele gezin. Ook goed te gebruiken bij een themafeestje, thuis of op school.

Terug naar boven



Telegraaf.nl

Droomcake en gebakken kindervingertjes

Afgelopen week was het precies tweehonderd jaar geleden dat de beroemde sprookjesschrijver Hans Christian Andersen werd geboren. Twee eeuwen later worden zijn sprookjes, zoals het ‘Lelijke Eendje’ en ‘De Kleine Zeemeermin’, nog steeds door jong en oud gelezen. Sinds deze week kun je de sprookjes ook zelf koken….

Afgelopen dinsdag werd in Amsterdam een heel speciaal kookboek gepresenteerd: Geluksperen, roverballetjes en paradijskoekjes is het eerste sprookjeskookboek, geschreven door Hans Christian Andersen-fanaat Edith Koenders. De recepten in het boek zijn allemaal geïnspireerd op de sprookjes van de Deense schrijver.

‘Van beroep ben ik vertaalster, maar het leek mij heel leuk om eens zelf een kookboek te schrijven,’vertelt Edith. ‘Hans Andersen schrijft in zijn sprookjes veel over eten, dus kwam ik op het idee om daar enkele nieuwe recepten op te baseren. Samen met mijn man en vijf kinderen zijn we aan het koken geslagen en de lekkerste gerechten hebben we in het kookboek gestopt.’

Dochter Laura (9) heeft samen met haar vader Adriaan, haar drie broertjes Robbert, Maarten en Ernst en haar zusje Sara het kookboek geïllustreerd: ‘Wij hebben samen tekeningen gemaakt die bij de verhaaltjes en de recepten passen. In het kookboek staan ook kleine samenvattingen van de sprookjes en we hopen dat mensen door onze tekeningen de recepten gaan maken en de sprookjes gaan lezen’, legt Laura uit. Zelf heeft Laura ook een paar favoriete gerechten: ‘De ‘Droomcake’ uit het sprookje ‘Klaas Vaak’ is superlekker: de cake smaakt naar kokos en is heel erg zoet! Ook de Gebakken Kindervingertjes uit ‘De Elvenheuvel’, gemaakt van reepjes vis en De luchtige Zwanenomelet uit ‘Het Lelijke Eendje’ zijn echte aanraders!’aldus Laura.

Terug naar boven


Dagblad van het Noorden

Achter het fornuis met Hans Christian Andersen


Edith Koenders uit Zuidhorn is verzot op de sprookjes van Hans Christian Andersen. Ze vertaalde al de dagboeken en brieven van de beroemde Deense schrijver. Nu, in het tweehonderdste geboortejaar van Andersen schreef ze een kookboek met daarin recepten gebaseerd op de sprookjes.

Kinderschouder met scherpe saus, Duitse bloedsoep met roverballetjes. Het zijn gerechten die een rol spelen in de verhalen van Andersen en die een plekje hebben gekregen in Het Hans Christian Andersen Sprookjesboek, zoals Edith Koenders haar werk heeft genoemd. Maar daarmee is niet gezegd dat daadwerkelijk de schouder van een jongmens nodig is bij de bereiding. ‘Voor dat gerecht beveel ik tortilla aan, van de Duitse bloedsoep heb ik rode bietensoep gemaakt’, vertelt de auteur. Ze is 42 jaar en maakte in haar jeugd kennis met enkele van de sprookjes, zoals wij allen. ‘Het meisje met de zwavelstokjes’,’De prinses op de erwt,’wie kent ze niet. Echt hangen bleven ze niet, de liefde voor Andersen kwam pas later. ‘Ik heb eerst een opleiding tot kok gevolgd en ben later Deens gaan studeren in Groningen. Toen maakte ik echt kennis met de sprookjes, ik bezocht het museum van Andersen in Odense. Ze verslond de verhalen en dook in het leven van deze merkwaardige man. Dagboeken, brieven, romans want die schreef hij ook, alles las ze. ‘Mijn scriptie ging over hem. Ik ben vervolgens als vertaler gaan weken en heb enige Deense romans in het Nederlands vertaald en ben me enkele jaren geleden weer met Andersen bezig gaan houden.’Dat deed ze voor de Arbeiderspers. Ze vertaalde dagboeken en brieven en dat boek werd uitgegeven in het prestigieuze Privé Domein reeks. En nu ligt er het kookboek. De tweehonderdste verjaardag van Andersen, hij werd geboren op 4 april 1805, gaf haar inspiratie. ‘Overal ter wereld worden activiteiten georganiseerd en ik wilde ook iets doen. Zo ontstond het idee voor het kookboek. Van het werk van andere schrijvers, Annie M.G. Schmidt bijvoorbeeld, zijn ook kookboeken gemaakt , van Andersen niet.’En dat terwijl in veel sprookjes sprake is van vreemde of lugubere gerechten. Paradijskoekjes, geluksperen, de al eerder genoemde kinderschouder. Koenders las de sprookjes nog eens en pakte haar oude metier van kok weer even op.

Terug naar boven



Volkskrant

Kookboek

Over gebakken lucht en andere sprookjesrecepten.

In culinair verband wil je het nog wel eens uit het oog verliezen misschien, maar het is dit jaar natuurlijk Hans Christian Andersenjaar. Afgelopen zaterdag was het tweehonderd jaar gelden dat de schrijver en sprookjesverteller werd geboren in Odense Denemarken. Dat is daar, en op honderd andere plaatsen in de wereld, aanleiding voor trompetgeschal en herdenkingsactiviteiten.

Met het vorige week verschenen kookboek Geluksperen, roverballetjes & paradijskoekjes heeft Nederland zijn eigen Andersen-feestje. Edith Koenders, die eerder al een selectie brieven en dagboeken van de schrijver bezorgde, is niet alleen vertaalster, maar ook gediplomeerd kok. Andersens culinaire erfgoed had vermoedelijk niet in betere handen kunnen raken. Niet dat hij zelf nou zo’n formidabele kok was. Integendeel: ‘Andersen heeft nooit een kopje thee gezet’, meldt Koenders, ‘laat staan een maaltijd gekookt.’Maar zijn verhalen zijn, als je maar goed kijkt, doordesemd van ingrediënten waar een fantasierijke kookliefhebber uitstekend mee uit de voeten kan. Gebakken lucht bijvoorbeeld, ja waarom niet? Koenders maakt er luchtige koekjes van. Andere lekkernij: kinderschouder met scherpe saus, ontleend aan het verhaal ‘De vlo en de professor’. Prima te doen in de vorm van met kaas gevulde tortilla’s in een saus van ketchup met peper of sambal. De gebraden kraai uit ‘Domme Hans’ wordt natuurlijk een lekker kippetje uit de oven. Slakkenhuisjes, broodjes van het rovermeisje, kabouterpap en appels van vader- het zijn bij elkaar zo’n dertig recepten waar je kinderen heel gelukkig mee maakt.

Terug naar boven



De Limburger

Hapklare sprookjes

Honger maakt rauwe bonen zoet? Zeggen ze, ja. Maar echt genieten wordt het niet. Alleen met een mooi verhaal erbij gaat alles er gretig naar binnen. Meer nog dan op dure ingrediënten, verassende culinaire vondsten en gratis etentjes zijn we dol op een sappig sprookjes verhaal, een vette roddel of een lachwekkend broodje-aapverzinsel.

Hans Christian Andersen kookte nooit, hij kon ook niet koken. At altijd buitenshuis, meestal bij mensen, die hem gastvrij uitnodigden om als tegenprestatie getrakteerd te worden op een sprookje, een vertelling of een anekdote. Dit jaar wordt de tweehonderdste verjaardag van Andersen gevierd. Kok en vertaalster Edith Koenders verzamelde uit de sprookjes van de Deense meesterverteller een aantal gerechten en verzon er zelf recepten bij. Niet moeilijk te maken, wel verassend en met spannende namen als ‘gebakken lucht’, ‘ nieuwsgierige muizen’ en ‘prinsessensnert’. In totaal dertig voor- en hoofdgerechten, toetjes, tussendoortjes, koek en andere lekkernijen. Elk recept is versierd met een door Koenders’ kinderen en man gemaakte fantasievolle tekening. Erbij een kort citaat uit het sprookje, waarin het recept voorkomt, en een korte samenvatting van het sprookje. Stap voor stap wordt iedere sprookjeskok door het recept geleid zodat aan het eind genoten kan worden van zelf bereide kabouterpap, zingende aardappels of trollenzakjes. Stuk voor stuk lekkerder dan een bord rauwe bonen.

Terug naar boven



De weekendgids
Jeroen Thijsen

De vraag blijft:
Hoe smaakt Hans?

De Zwitserse psychiater Bruno Bettelheim beschouwde sprookjes als uitingen van de duistere geest en ontleedde ze op Freudiaanse wijze: Oedipus complex, Id en überich deden zich gelden in een spel van fantasie en werkelijkheid.

Gewone mensen weten beter. Sprookjes zijn echt gebeurd, lang geleden, net zoals er staat. Jammer dat je ze niet echt meer mee kunt maken. Hoe zou het huisje van de heks en Hans en Grietje bijvoorbeeld hebben gesmaakt? Of Hans zelf? Kijk daar kom je niet achter.
Edith Koenders van ‘Geluksperen, roverballetjes & paradijskoekjes’ probeert in elk geval een deel van deze werkelijkheid te reconstrueren Zij gaat uit van de sprookjes van Hans Christian Andersen, zoekt een sprookje uit en geeft daarbij een recept, dat in het betreffende sprookje voorkomt.

Een aardig procédé, maar de schrijfster legt zich wel twee belangrijke beperkingen op. Zij kan alleen verhalen gebruiken waarin eten voorkomt, wat veel bekende sprookjes buitensluit, én zij kan alleen putten uit het werk van Andersen, waardoor veel beroemde sprookjes buiten dit kookboek blijven. ‘Hans en Grietje’, bijvoorbeeld. Is het erg? Nee, hooguit jammer. Wat overblijft is een uitdagend kookboek voor kinderen, prachtig geïllustreerd door Adriaan van der Hoeven. Het voorwoord is een pagina over Hans Christian Andersen, dan beginnen de recepten. Op iedere linkse pagina staat een stukje uit het sprookje met een korte samenvatting, op de rechtse staat het recept.

Geluksperen, bijvoorbeeld, uit ‘Het geluk kan in een stukje hout liggen’. Nee, had ik ook nooit van gehoord. Een heerlijk toetje, gemakkelijk om te maken en heel duidelijk opgeschreven voor de kindertjes. Toch gaat de schrijfster nergens door de knieën, en geeft zij recepten die het een en ander vragen van de kleine kok. Bij IJspaleis, uit ‘De ijsjonkvrouw’(nee, opnieuw nooit van gehoord) moest ik me zelfs achter mijn oren krabben. IJs bedekken . met geslagen wit en dan zeven minuten in de oven? Volgens Koenders blijft het ijs koud, en inderdaad, ze heeft gelijk. Een spectaculair gerecht. Ik heb het gemaakt voor de kinderen, volgende keer laat ik het door de kinderen doen. Want een beetje acht- tot tienjarige kan hier heel aardig mee uit de voeten. Er staan griezelige recepten in die de geest prikkelen . Gebakken kindervingertjes, en Gebraden kraai bijvoorbeeld. Mijn aandacht werd onmiddellijk getrokken door Luchtige Zwanenomelet uit ‘Het lelijke eendje’( Ja die ken ik wel). Gelukkig hoeft de kok van Koenders geen zwaneneieren te nemen. Het recept vermeldt gewoon ‘eieren’.

Koken is een feest uit dit boek. Jammer dat die andere sprookjes er niet in staan. Nu blijft de grote vraag: hoe smaakt Hans?

Terug naar boven



Pluizuit België
Inge Umans

Dit boek werd gecreëerd n.a.v. de tweehonderdste geboortedag van Hans Christian Andersen. In de inleiding komt de lezer te weten dat Andersen zelf nooit gekookt heeft maar dat hij zowat elke dag bij vrienden ging eten. Wanneer hij op reis was, ging hij vaak logeren bij erg rijke mensen en at er de meest luxueuze gerechten.
Edith Koenders, zelf kok, verzon een aantal recepten bij sprookjesfragmenten van Andersen. Het recept wordt telkens ingeleid met zo’n sprookjesfragment en een korte samenvatting ervan. Haar echtgenoot en hun vijf kinderen maakten illustraties bij de recepten.
De recepten zijn gerangschikt volgens soepen en voorgerechten, hoofdgerechten, toetjes, tussendoortjes en koeken. De ingrediënten staan opgesomd voor vier of zes personen en de uitwerking ervan gebeurt stapsgewijs, in puntjes. De recepten kregen fantasievolle namen (prinsessensnert, kabouterpap, sterren van de nachtwaker of bruiloftstaart zonder schaduw) en zien er niet onoverkomelijk moeilijk uit, al zal de jonge kok of kokkin wel vaak de hulp van een volwassene moeten inroepen (bv. bij het gebruik van een oven).
De kunstige en toch wel originele illustraties zijn niet zo relevant voor een kookboek. Wat ik mis zijn foto’s of tekeningen van de gerechten zelf. Duidelijke tekeningen kunnen voor een kind (of volwassene) een handige aanwijzing vormen voor het te bekomen resultaat.
Het boek is een leuk geschenkboek n.a.v. het Hans Christian Andersenjaar maar lijkt me eerder een variatie op eenzelfde thema… De succesvolle Roald Dahl kookboeken inspireerden meerderen om ook rond hun favoriete schrijver een kookboek te brouwen, en dit is er een van.

Denksport jubileum special
Geluksperen, roverballetjes en paradijskoekjes

Loopt het water al in de mond bij het horen van deze heerlijke gerechten?
In dit boek laat Edith Koenders u kennis maken met een reeks spannende sprookjesgerechten: Duitse bloedsoep met roverballetjes, kinderschouder met scherpe saus, paradijskoekjes en geluksperen. De eenvoudige recepten voor het hele gezin gaan vergezeld van fragmenten uit de sprookjes van Hans Christian Andersen, die 200 jaar geleden geboren werd.

Terug naar boven


Doorkijk
Prinsessensnert

‘Eerst kregen we soep, zo heerlijk en fijn, met rozen en bloemenpracht. Toen vlees met een sausje en een fles wijn die twintig werd die midzomernacht.’ Dit schrijft Hans Christian Andersen (1805-1875) in zijn dagboek op zondag 5 juni 1831.
Andersen kon nog geen ei koken, zijn hele leven heeft hij bij anderen gegeten. Maar schrijven kon hij wek. Over trollen, kabouters, feeën, prinsessen en rovers. En hij schreef over eten, over kinderschouder met scherpe saus en over rijstepap en bruidstaart. De recepten gaf hij er niet bij, die zijn verzonnen door Edith Koenders. Bij elk recept staat een fragment uit het desbetreffende sprookje en een korte samenvatting ervan. De vrolijke tekeningen in dit leuke sprookjeskookboek zijn gemaakt door Ediths echtgenoot en hun vijf kinderen.

Noord Nederlandsche Boekhandel kook- en huishoudboeken
Hans Christian Andersen (1805-1875) was een meesterverteller. Hij schreef het sprookje van het lelijke jonge eendje dat in een zwaan verandert, hij vertelde over het meisje met de zwavelstokjes dat van kou en honger sterft en hij bedacht de Keizer die bloot over straat gaat omdat hij denkt dat hij nieuwe kleren aan heeft.
Zijn verhalen inspireerden Edith Koenders, vertaalster en kok, tot een reeks spannende sprookjesgerechten: Duitse bloedsoep met roverballetjes en kinderschouder met scherpe saus, paradijskoekjes en geluksperen. Keukenprinsen en keukenprinsessen, jong en oud, kunnen met deze eenvoudige en bijzondere recepten de lekkerste dingen op tafel toveren.
De fragmenten uit de sprookjes en de vrolijke tekeningen van Adriaan van der Hoeven maken van dit sprookjeskookboek bovendien een fantasierijk prentenboek voor het hele gezin.

Terug naar boven

Reformatorisch Dagblad
Sprookjeskookboek eert Andersen.
Marianne Witvliet

Hoewel Hans Christian Andersen niet één recept heeft nagelaten, schreef hij veel over eten. Edith Koenders, die brieven en dagboeken van Andersen vertaalde, maakte ter gelegenheid van zijn 200e geboortedag een sprookjesachtig kinderkookboek met de spannende titel Geluksperen, roverballetjes en paradijskoekjes.

Hans Christian Andersen was een verteller, geen kok. Maar zowel zijn levensgeschiedenis als zijn 156 sprookjes en verhalen tonen een man die van lekker eten hield. In ‘Het kleine meisje met de zwavelstokken’, laat de Deense sprookjesschrijver aan het verkleumde meisje, als ze een van haar zwavelstokjes langs de muur heeft gestreken, een gedekte tafel zien. Ze zag een ‘schitterend, wit laken, met kostbaar porselein, en een heerlijk dampende gebraden gans, gevuld met pruimen en appelen.

Omdat het dit jaar 200 jaar geleden is dan Andersen werd geboren, besloot Edith Koenders een kookboek voor kinderen samen te stellen. Koenders die het werk van Andersen niet alleen van haver tot gort kent, maar ook kok is, verzon gerechten bij de sprookjes. Geluksperen, roverballetjes en paradijskoekjes is een laagdrempelig kookboek met verrukkelijke illustraties en recepten, geschikt voor jonge kinderen. Elk gerecht wordt ingeleid met een citaat uit een van de sprookjes. Neem ‘luchtige zwanenomelet’: ‘Eindelijk barstte het grote ei. Piep! Piep! zei het jonge eendje toen het eruit rolde. Het was groot en lelijk. Moeder eend keek naar hem. ‘Wat een vreselijk groot kuiken ben jij, zeg!’ zei ze. ‘geen van de anderen ziet er zo uit! Het zal toch geen jonge kalkoen zijn ! Nou, daar komen we gauw genoeg achter! Hij gaat het water in, al moet ik hem er zelf in schoppen.’’ Voordat de zwanenomelet in twaalf stappen is gemaakt én opgegeten is, vertelt Koenders kort de inhoud van het hele sprookje.

‘‘Gebraden Kraai’ is geïnspireerd op het sprookje van Domme Hans. ‘Toen kwam Domme Hans, hij reed gewoon op zijn bok, de zaal in. ‘Wat is het hier gloeiend heet, zeg!’riep hij. ‘dat komt omdat ik haantjes braad’, zei de koningsdochter. ‘Wat leuk!’zei Domme Hans. ‘Mag mijn kraai dan ook gebraden worden?’’


Misleidend

Edith Koenders maakte het sprookjeskookboek niet alleen. Haar man Adriaan van der Hoeven en haar vijf kinderen Robert, Maarten, Sara, Laura en Ernst zorgden voor frisse, kleurige, met viltstift gemaakte illustratie. Niets dan lof voor de vormgeving. Het is dus jammer dat nou net het omslag het minst mooie aan het boek is. Daarop is Hans Christian Andersen afgebeeld als een karikaturale kok met een veel te grote neus. En omdat het kookboek niet bedoeld is om de spot met hem te drijven, is het omslag een tikje misleidend.

Leuk aan de recepten is dat de meeste ingrediënten al in de voorraadkast staan. Je hoeft alleen naar de groenteboer voor peren, appels, aardbeien of bessen en naar de supermarkt voor een stukje makreel of tonijn, slagroom of lange vingers. Ondanks de sprookjesachtige namen van de gerechten kan een kind de was doen. Voor ‘Gebakken kindervingertjes’ heb je 3 ons verse kabeljauw nodig, bloem, peper, zout een ei en wat paneermeel.

Na negen eenvoudige stappen liggen de ‘vingertjes’ op je bord. Soepen, voorgerechten en hoofdgerechten worden gevolgd door veel lekkere toetjes en hapjes tussendoor. Zelfs is er aan het eind van het boek nog een recept om dieren, speelgoed, wat op tafel ligt of iets uit de zee ‘en wat er in de zee zwemt’ te tekenen.

Terug naar boven


Radio en televisie

Twee vandaag

200 jaar Hans Christian Andersen

Deze week zou de beroemde schrijver Hans Christian Andersen 200 jaar oud geworden zijn. Deze week is ter ere van hem een kookboek uitgereikt met recepten die in zijn werk terug te vinden zijn. Andersen schreef ’De prinses op de erwt’, ’De kleine zeemeermin’ en ’De kleren van de keizer.’ Sprookjes die tot ieders verbeelding spreken. In totaal schreef hij maar liefst 156 sprookjes, maar was in zijn tijd ook beroemd om zijn toneelstukken, romans en tekeningen.
Betoverd
Tot op de dag van vandaag heeft Andersen trouwe fans. Zoals Edith Koenders en haar man en vijf kinderen. Moeder Edith werd echt betoverd door het werk van Andersen toen ze als tolk vertaler Deens een aantal werken van hem vertaalde. Nu heeft de hele familie Koenders een kookboek geschreven met recepten die in het werk van Andersen terug te vinden zijn. Deze week is het boek uitgereikt door Hans Christian Anderssen-ambassadeur Ivo de Wijs.

Bekijk de uitzending van Twee Vandaag in het archief


Terug naar boven

 

 

  
 
Meer recensies